WATERTEELT
Bij waterteelt groeien de wortels rechtstreeks in een stromende of circulerende voedingsoplossing. Water is hier niet alleen een transportmiddel, maar vormt de directe omgeving van de wortel.
Een goede toepassing begint daarom niet bij één los product, maar bij inzicht in de volledige waterroute.
WATER ALS WORTELMILIEU
Met waterteelt bedoelen we systemen waarin planten zonder vast substraat groeien en de wortels rechtstreeks contact hebben met de voedingsoplossing: stromende teeltsystemen, drijvende teelt en andere watergedreven systemen.
De voedingsoplossing brengt water, mineralen, zuurstof en toegepaste micro-organismen naar de wortel. Waar een substraat een deel van de omstandigheden buffert, werkt een verandering in één onderdeel hier snel door in het hele systeem.
VAN RESERVOIR TOT WORTEL
Hier komen water en voedingsstoffen samen en begint de technische waterroute.
Water en voedingsstoffen komen hier samen. Kwaliteit en verblijftijd van het water vormen het beginpunt van de route.
Pompen, leidingen, debiet en zuurstof bepalen de omstandigheden onderweg.
Pompen en leidingen verplaatsen de voedingsoplossing. Debiet, zuurstofvoorziening en doorstroming bepalen de omstandigheden onderweg.
Hier komen voedingsoplossing, wortels en de microbiële toepassing samen.
Bij de wortel komen water, voeding en microbiële toepassing samen. Hier ontmoeten teeltsysteem en biologische toepassing elkaar.
Bij recirculatie keert water vanuit de wortelzone terug in het systeem.
In recirculerende systemen keert een deel van de oplossing terug. Veranderingen uit de wortelzone gaan dan opnieuw het systeem in.
DE JUISTE ROUTE KIEZEN
Begin bij de plaats in het systeem waar ondersteuning nodig is. Daarna wordt duidelijk welke toepassing daarbij hoort.
Herkomst, samenstelling en opslagduur van het water vormen de uitgangssituatie, samen met pH, geleidbaarheid en temperatuur van de voedingsoplossing. UV, oxidatieve behandeling, verhitting of filtratie bepalen mede waar levende micro-organismen kunnen worden toegevoegd.
Een gelijkmatige doorstroming en passende zuurstofvoorziening bepalen de omstandigheden rond de wortel. Debiet en circulatietijd bepalen ook hoe snel een toepassing de wortelzone bereikt.
Het doseerpunt moet logisch liggen ten opzichte van reservoir, waterbehandeling, circulatie en wortelzone. Doseren vlak vóór een stap die micro-organismen inactiveert ligt daarom niet voor de hand.
Bij recirculatie keert water vanuit de wortelzone terug naar het reservoir. Toepassing en waterbehandeling worden dan als één doorlopende route bekeken, ook bij een stromend systeem, drijvende teelt of afzonderlijke plantposities.
GERICHTE TOEPASSING
Het onderscheid zit vooral in het deel van de waterroute waarop de toepassing is gericht.
Wortelzone
Toepassing via de voedingsoplossing, afgestemd op circulatie en waterbehandeling.
Microbiële formulering voor toepassing via de voedingsoplossing, gericht op de wortelomgeving in watergedreven teeltsystemen. De dosering wordt afgestemd op circulatie, waterbehandeling en het moment waarop de oplossing de wortels bereikt.
Reservoir en recirculatie
Microbiële ondersteuning van opgeslagen en recirculerend irrigatiewater.
Voor regelmatige microbiële ondersteuning van opgeslagen en recirculerend irrigatiewater, voordat of terwijl dit door het systeem circuleert.
Leidingen en druppelaars
Voor systemen waarin druppelleidingen werkelijk onderdeel zijn van de waterroute.
Voor regelmatige microbiële ondersteuning in druppelleidingen en rond druppelaars. Deze route geldt alleen wanneer druppelleidingen daadwerkelijk onderdeel zijn van het teeltsysteem.
SAMENSTELLING EN TOEPASSING
Breng eerst de volledige waterroute in kaart en bepaal daarna het juiste toepassingspunt.
Levende micro-organismen moeten op de juiste plaats en het juiste moment aan het systeem worden toegevoegd. Breng daarom eerst de waterroute in kaart (opslag, behandeling, menging, circulatie en de weg naar de wortel) en stem de toepassing daarop af.
Bekijk dan hoe substraattype, matvolume en watergift de toepassing beïnvloeden.
Bekijk Kas en substraat →PRAKTISCHE VRAGEN
Herken uw systeem en vind de passende BIOMICROBES-oplossing.
Onderzoek naar het vrijmaken van vastgelegd fosfaat uit bodem kan niet rechtstreeks worden vertaald naar een voedingsoplossing waarin fosfaat al beschikbaar is. Andere interacties tussen wortels en micro-organismen kunnen relevant zijn, maar moeten bij het product en systeem passen. Beoordeel daarom welk effect wordt beoogd en meet dat in uw teelt. ‘Betere opname’ betekent niet automatisch dat de meststofconcentratie omlaag kan.
Wat kunnen micro-organismen betekenen voor wortelontwikkeling, nutriënten en vitaliteit, ook buiten waterteelt?
Waarom microbiologie?